Zwemgedachten

Het is me gelukt! Na maanden niet naar de sportschool te zijn gegaan, stond ik vanmorgen tien voor zeven al bij David LLoyd op de stoep, terwijl de deuren pas om zeven uur opengaan. De reden dat ik het besluit nam om vandaag weer voor het eerst baantjes te gaan trekken? Een meisje (jonge vrouw, maar voor mij toch vooral een meisje), Marieke, met wie ik een paar jaar iedere dag van de week ’s ochtends vroeg op de sportschool present was, mailde mij een paar dagen geleden. Haar beste vriend was van de zomer op een scooter in Vietnam verongelukt. Nu had Marieke aan zijn moeder Verloren mensen gegeven. Die moeder heeft na lezing ervan aan mij een brief geschreven en aan Marieke gevraagd of ze die mij kon overhandigen. Toen dacht ik gisteren: dit is mijn kans, ik ga morgenvroeg weer zwemmen en dan kan Marieke mij meteen de brief geven. Voor de zekerheid informeerde ik bij Marieke of ze er zou zijn, wat inderdaad het geval was. Zo geschiede. En het was fantastisch om weer in het heerlijk lauwe water te liggen en gedurende een uur aan een stuk baantjes te trekken.

 

Zwemmen doe ik overigens met een zwembril en snorkel. Dat is minder belachelijk dat het lijkt. Als je zwemt, moet je je hoofd omhoog en naar achteren duwen, ander kom je met je gezicht plat in het water te liggen. Dat is nu precies de reden waarom ik een zwembril met snorkel draag. Ik krijg altijd pijn in mijn nek en schouders van het omhoog houden van mijn hoofd. Niet zo vreemd: je nekwervels worden in elkaar gedrukt. Met een duikbril en snorkel heb je daar geen last van. Bovendien werkt het ook nog eens psychisch heel ontspannend. De omgevingsgeluiden komen  heel gedempt bij je binnen. (je oren liggen ook onder water) waarmee  zo’n uurtje van baantjes trekken heel bevorderlijk is voor je creatieve brein. Door je hoofd flitsen kriskras door elkaar allerlei ideeën, waarvan sommigen als bruikbaar getypeerd overblijven, waarna je ze thuis snel op papier zet. Misschien toch een tablet mini aanschaffen? Nee,ik heb van mijn zus Hinde een heel mooi opschrijfboekje uit Berlijn gekregen. Dat is vanaf nu het aantekenboekje voor mijn nieuwe roman.

 

Advertenties

Blue Sunday

Morgen schijnt het Blue Monday te zijn, de deprimerendste maandag van het jaar. Van al onze goede voornemens is niets terecht gekomen, het is somber weer, het duurt nog eeuwen voordat de eerste voorjaarszonnestralen ons gezicht weer zullen verwarmen. Volgens dagblad Trouw totale onzin en alleen maar een slim bedachte truc van een Brits reisbureau om mensen al vroeg een zonverkantie te laten boeken. Het maakt mij niet uit, want voor mij (en Adri ook) is het iedere zondag Blue Sunday, sinds onze Tonio op zondag, eerste Pinksterdag 2010 overleed na een hele dag op de operatietafel te hebben gelegen. Vooral tegen half vijf is de pijn en het gemis op zijn ergst. In de afgelopen jaren is het zodanig verbeterd, dat, waar het me eerst onmogelijk was naar mijn vader op die dag in de week op bezoek te gaan, het me nu wel lukt. In het geval van mijn moeder rijden Hinde en ik regelmatig op zondag naar onze moeder. Wat ook helpt: net heb ik iets wezenlijk belangrijks voor mijn verhaal bedacht, beter gezegd, weggeplukt uit het leven van een mijn beste studievriendin. Als je bezig bent aan een boek geeft dat altijd al een heerlijk gevoel, maar in mijn geval is het ook nog eens van levensbelang. De ontdekking geeft je een ietwat licht gevoel in je hoofd, iets wat sinds de dood van Tonio eigenlijk niet meer te realiseren is, tenzij door dit fenomeen. Ik ben het helemaal oneens over het gebruik van de term therapeutisch schrijven. Alsof je je, door de ellende die over je heen gestort is te beschrijven, beter zou gaan voelen. Nee, het is de magie op de oplossing die op je pad komt voor een elementair probleem in je verhaal. Of die ‘Ha, nu weet ik het’, nu komt door bewust zoeken, of doordat die oplossing gegenereerd wordt door het schrijven zelf, dat maakt niet uit. Het gaat om het moment waarop er een gelukzalig gevoel door je lichaam stroomt.

En nu ga ik naar mijn papa, die in Beth Shalom op mij zit te wachten.