Mantelzorgers

Een bericht vanmorgen op de radio trof mij diep. Het ging over de snelle vergrijzing en de ouderenzorg waar niet genoeg personeel voor te vinden is. Daar moest op gestudeerd worden, maar gelukkig was er al een voorlopige oplossing: de mantelzorger. Die zou steeds vaker moeten bijspringen. Ik vroeg me af wie mijn mantelzorger zou kunnen worden als ik oud ben en niet meer in staat voor mezelf te zorgen. Adri is acht jaar ouder, dus is de kans groot dat ik eerder voor hem zal moeten zorgen dan hij voor mij. Maar eigenlijk hou ik niet van dat soort redeneringen, sinds er een einde kwam aan Tonio’s leven toen hij pas 21 jaar was. Dan heb ik nog een zus, maar die is ook ouder. En dan houdt het zo’n beetje op. Nee, niet zo’n beetje, maar er is echt geen beschermende ring rondom mij. Ik zal heus niet de enige zijn die niet over potentiele mantelzorgers beschikt, maar in dat hele verhaal vanmorgen kwam die krapte nergens voor. Trouwens wanneer het de afgelopen jaren over de participatie maatschappij ging, waarbij de mantelzorger een belangrijke plek inneemt, werd er ook nergens gerept over de krapte op de mantelzorgersmarkt. Zo word ik dubbel gestraft: het overlijden van mijn kind met als gevolg dat ik niemand heb die in de toekomst voor mij liefdevol kan zorgen. Dat trof mij dus diep.

Vraag!

Het lukt mij maar niet om de titel van het boek waar ik nu aan bezig ben, Een krasse eeuw, als categorie naast de andere categorieën, als ‘Dagboek’, ‘Verloren mensen’, ‘De stalkster’ etc. te plaatsen. Als ik van Een krasse eeuw een nieuwe categorie maak, verschijnt het niet op mijn blog. Wie, O, Wie, weet de oplossing. Bij dit soort problemen denk ik nog altijd: Als Tonio had geleefd, had ik het hem gevraagd. Onzin, natuurlijk. Alsof hij er op zijn 31ste nog zin in zou hebben gehad en/of tijd om mij te helpen.

Jitschok Ehrlich |

Toeval is er voortdurend in ons dagelijks leven. Hoe vaak zeg je niet tegen een ander: ‘Dat is ook toevallig?’ Meestal klopt dat: het gaat om een gelijktijdigheid die niet te voorzien was. Soms lijkt er toch meer aan de hand. Omdat de roman die ik na De stalkster wil gaan schrijven de levensgeschiedenis van…
— Lees op mirjamrotenstreich.com/2016/03/06/jitschok-ehrlich/

De drie ‘Gratiën’

Battikwa Rotstein, Abbi Mandelbaum, Elsemijn De Norman d’Audenhove. Welke naam hoort niet in dit rijtje thuis. Dat zou, als ik een bekende schrijver was,  een vraag kunnen zijn in de tv-quiz ‘De slimste mens’. Iedereen zou dan inmiddels  weten dat het hier gaat om romanpersonages uit mijn tot nu toe gepubliceerde romans. Maar waarom zou er dan één personage niet in het rijtje thuis horen.

Gebonden boeken versus pockets

Af en toe vis ik iets uit de paar dozen waarin jouw nalatenschap huist. Zo zag ik daarnet een aantal exemplaren van door mij gepubliceerde boeken, samengesteld en/of zelf geschreven. Onder die werken bevond zich ook de roman Verloren mensen, gepubliceerd in 2013, twee jaar na het overlijden van Tonio. Ik plukte het boek uit de doos en zag dat de flap, die hoort bij de voorkant van het stofomslag, als boekenlegger in gebruik was. Na het openslaan van het boek trof het me hard te ontdekken welke pagina’s van elkaar gescheiden

Met gebonden boeken heb ik over het algemeen niet alleen minder dan met paperback, maar ook met pockets, althans, de pockets die hier in Nederland

T & T vredig tegen elkaar aan liggend

IMG_0118

In mijn boek Tonio’s blik. Focus op zijn katten zijn uiteraard veel foto’s gepubliceerd van Tonio’s lievelingen, Tygo & Tasha. Maar er zijn ook foto’s die er niet in staan. Niet, omdat ze zijn afgekeurd, ook niet, omdat ik er niks bij wist te vertellen. Nee, er lag een puur praktische  reden aan ten grondslag: het boek zou te dik worden.

Maar dan is er tegenwoordig altijd nog het internet waarop je kunt publiceren. Daarom zal ik met enige regelmaat foto’s van Tygo & Tasha op mijn blog plaatsen. Maar… nieuwe foto’s, door mij gemaakt van IJsbrandt en Tasha, zullen zeker niet ontbreken.

Op bovenstaande foto heerst er nog vrede tussen T & T. Het is weer zo’n foto die precies het verschil in karakter tussen broer en zus uitbeeldt: Tasha de waakzame, ‘wat moet je’; blik; Tygo, die geheel vertrouwend op zijn zus, met een lichtelijk verstoorde blik in het niets staart. Ze liggen op Tonio’s bed, in zijn jongenskamer, thuis in de Johannes Verhulststraat. Ik weet dat, omdat ik het beddengoed herken. Hoe zo herken ik het beddengoed? Het is wit, saaier kan het niet. Juist daarom: dat kenmerk zorgt voor een duidelijk onderscheid met onze andere dekbedhoezen, slopen en onderlakens.