Het openbreken van een roman

Een dag niet schrijven maakt somber. Meerdere dagen niet schrijven maakt heel somber. Jammer genoeg is te situatie soms zodanig dat schrijven er die dag, of nog erger, dagen achtereen niet in zit. Ik bedoel hier schrijven waarin je je verliest, schrijven waarbij je van hogerhand woorden, zinnen, alinea’s, ja, zelfs hele pagina’s krijgt ingefluisterd, althans, zo ervaar je dat.

Was het schrijven aan mijn eerste roman, Salieristraat No. 100  een spannende onderneming – ik had nooit eerder een roman geschreven en ik moest me dus bewijzen – het werken aan Verloren mensen was net zo goed een enerverende onderneming, omdat ik moest bewijzen ook een tweede romen aan te kunnen. Het schrijfproces aanVerloren mensen werd helaas onderbroken door een tragedie van het kaliber dat eigenlijk alleen in romanvorm zou mogen plaatsvinden: de dood van je kind, in ons geval Tonio.

Daar waar Adri kracht putte uit het schrijven aan de requiemroman Tonio, verkeerde ik in een zodanige shock dat mijn dagen waren gevuld met overdag op de automatische piloot boodschappen doen en ’s avonds ondergedompeld in een roes van veel wodka (bedankt lieve papa dat je die goddelijke drank vroeger, toen hier in Nederland bijna niemand nog vodka dronk, in ons gezin hebt geïntroduceerd. Om de zoveel weken arriveerde er voor jou uit Polen pakketje met daarin twee flessen Stolignaya) met huilen, heel veel huilen. Ik weet zeker dat de tranen een behoorlijk percentage aan alcohol van de wodka bevatte. Waren ze niet zout geweest dan had ik ze opgevangen in mijn glas en opgedronken.

Mijn boek, Verloren mensen, lag iets van twee jaar stil. Na het weer opgepakt te hebben, werkte ik er tussen ’s ochtends 5 en 9 uur in een roes aan. Ik heb het ongetwijfeld al eerder geschreven, misschien zelfs meerdere keren, maar zeker sinds Tonio’s dood had ik dat ‘magische’ schrijven op dat tijdstip nodig om het leven aan te kunnen. Urenlang in de door mij zelf geschapen romanwereld ronddwalen, dat was het hoogste wat ik kon bereiken als het mij er om ging even vrijaf te hebben van Tonio, een korte pauze binnen die vreselijk lange vierentwintig uren die een etmaal bestrijkt.

Met het inleveren van Verloren mensen  bij mijn de redacteur, Ad van den Kieboom, brak de fase van het herschrijven aan. Passages die beter op een andere plek konden staan moesten geschrapt worden, of juist aangevuld met een andere tekst.  Maar, er gebeurde iets waar ik niet op had gerekend. De overdracht van het typoscript veroorzaakte bij mij het gevoel alsof er een deur – type onze voordeur – dicht ging tussen mij en het boek, de sleutel in het lipslot werd omgedraaid, er voor deze speciale gelegenheid twee nachtsloten, boven en onder in de deur werden gebruikt en vooruit,  de deur tenslotte ook nog eens met twee schuiven werd vergrendeld. Ik had de klus geklaard.  De roman bestond in zijn geheel. Natuurlijk is er, met veel dank aan Ad, uiteindelijk wel het één en ander veranderd aan de roman.

Nu, met De stalkster, zit ik met hetzelfde probleem. Ook nu lukt het me met moeite het boek, de roman, open te breken. Daarom ga ik samen met Ad op zoek naar het antwoord op de vraag waarom ik mijn typoscripten als zwaar bewaakte burchten ervaar. Heeft het met Tonio te maken, dat ik teveel pijn en een schreeuwend gemis voel als ik me niet kan overgeven aan de associatieve manier van schrijven dat mij zo gegoten zit dat ik er bijna niet van kan loskomen?

Wordt vervolgd

 

Advertenties

10 gedachtes over “Het openbreken van een roman

  1. Lieve Mirjam

    Ik reageer op deze blog. Omdat je de woorden weet te vinden, hoe het missen van je kind er zo inhakt. Het blijft raken, door het herkennen.

    Door te schrijven jezelf aan het redden bent, even vrijaf van Tonio. Met deze intense gevoelens een roman schrijven, het is nogal wat. Dan is het klaar, ik kan mij zo goed voorstellen, dat het dan moeite kost om het geschrevenen open te gaan breken.

    De andere blogs ook gelezen. Mooi! Het boek over je vader, over zijn jeugd, de 2e wereldoorlog zal bijdrage aan het feit, dat er nooit genoeg verteld kan worden over deze periode in de geschiedenis. Juist de verhalen over het “gewone”leven, de impact van het grote kwaad op mensenlevens hoe deze levens daarna gaan verlopen, boeiend zal het zeker worden.

    Veel succes verder,
    Allerhartelijkste groet, Grethe

    Like

  2. Is een stap naar een volgende ‘manier’ van schrijven, zoekende zijn naar hoe en wanneer leidt je af van het schrijven. Het fluïdum waarin je schreef na Tonio is ook niet makkelijk achter te laten, lijkt het een beetje op h e m achterlaten ?? jarenlang je bestaan opgebouwd en gegroeid met bekende gewoontes, gedragingen, omgeving. Daarna komt een periode van/in shock, alles wat je kende stopt en wat rest is één moeras waarin je vechtend overleeft of ten onder gaat. Dan komt een volgende periode waarin je die twee in jezelf moet zien proberen verenigen… De verandering/vernieuwing komt,dat is zeker. Denk maar aan de Rhune ‘ijs’ die zegt dat tussen ijs en water geen tussentoestand zit. Het ene moment zie je ijs, het volgende moment water. En dat water zal weer stromen, misschien totaal anders, maar het zal terug stromen… warme groet, Annie

    Like

  3. Mijn advies Mirjam, maak een heerlijke strandwandeling samen met Adri bv een uur voor zonsondergang en denk samen aan Tonio. Bij thuiskomst zal je merken dat je zonder hulp verder kan werken aan “Stalkster”. En vòòr 23 mei ben je er uit.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s