Ko Kantorowitz en Nathalie van Leeuwen

Vanmorgen met een vriendin die aan vreselijke hoofdpijnen lijdt naar een Chinese arts geweest die op de Gelderse kade praktijk heeft. De tip kreeg ik van Suzanne Holtzer, Adri’s redacteur bij de Bezige Bij. Totaal geen zweverig type, integendeel. Ook zij had vreselijke migraine en deze arts had haar er vanaf geholpen. Ondanks de niet zo prettige reden dat we op pad waren, werd het toch een vrolijke ochtend. Dat kwam doordat de zon in dat mooie stukje Amsterdam met de Kromme Waal, de Binnenkant, de Buitenkant, de Montelbaanstoren etc, alles zo prachtig deed schitteren

Bij thuiskomst bleek Adri er wel even uit te willen, dus zijn we naar de Geitenboerderij gereden. Op de parkeerplaats vlakbij de boerderij kwam net een plekje vrij, maar een andere auto schoot voor en parkeerde er. Adri stapte woedend uit en ik zag dat hij enkele zinnen tegen de man zei. Terwijl Adri doorliep, kwamen twee oudere vrouwen aangelopen, dus ik dacht: Ha, die gaan vast weg, wat ook zo bleek te zijn. Ik kon dus alsnog mijn auto daar parkeren. Adri had ondertussen een fijn plekje in de zon bemachtigd en ik ging binnen wat halen. Liep ik recht in de armen van Nathalie van Leeuwen, de ex van Kluun. Aardige vrouw, lang niet gezien sinds ze verhuisd was. Ze liep met me mee naar ons tafeltje en ze bleef kort met ons staan praten. Een tijdje later; de broodjes hadden we inmiddels op, komt er een man naast ons staan. Het was die vent van de parkeerplaats waar Adri boos tegen was uitgevallen. De man steekt zijn hand uit het stelt zich voor als: ‘Ik ben de kwade genius uit uw boek, ik ben een personage uit Tonio. Excuses voor mijn onbeschofte gedrag.’ Bleek het Ko Kantorowitz te zijn, de baas van Tonio toen hij bij Dixons werkte in de Kinkerstraat. Hij was dol op Tonio, ook al versliep die zich regelmatig, had hij altijd vuile nagels e.d. Maar ze spraken veel met elkaar over fotografie en over het jodendom. Ko is namelijk Israelier. Hij was nog steeds kapot van de dood van Tonio.

Wat ook weer zo’n idioot toeval(?) was: Ko had een zoontje bij zich, een prachtig mannetje van vier met zwart krullend haar en groene ogen, fel en scherp afgetekend door een zwart randje om de iris. Werkelijk het mooiste jongetje dat ik ooit had gezien. Ik vroeg aan het jongetje hoe hij heette: ‘Ben’. Ik vroeg Ben naar welke school hij ging: ‘Rosj-Pina’, zei hij. Ik vertelde dat ik daar ook op had gezeten, bleek  voor Co hetzelfde te gelden en aangezien hij maar twee jaar jonger is dan ik, zijn we samen gedurende een deel van dezelfde tijd naar Rosj-Pina gegaan. En dan nog dat toeval (?) met waar mijn ouders  sinds een paar jaar gehuisvest zijn. Mijn vader woont in Beth Shalom, een blok verwijderd van Rosj-Pina en Joods Lyceum Maimonides; mijn moeder zit in De Buitenhof en en kijkt recht op Rosh-Pina en schuin op Maimonides.

Zo zie je maar, alle wegen leiden niet naar Rome, maar naar joden.

 

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s